|
Historie
Toerisme vormt voor Domburg tegenwoordig de belangrijkste bestaans bron. Het behoort tot de meest bezochte badplaatsen aan van Nederland. Hele straten van dit kleine badplaatsje worden jaarlijks verhuurd aan de toestromende bezoekers die er graag hun vakantie doorbrengen. Zelfs de landbouwbedrijven pikken hun graantje mee in de vorm van mini campings, het zogenaamde kamperen bij de boer. Fietsenverhuur, strandpaviljoens, hotels, pensions, vakantiebungalows, gezellige terrassen, winkeltjes, het is er allemaal daar in Domburg. Domburg is de oudste badplaats van Zeeland, tegelijk schilderachtig en
rustig, maar ook een gerenommeerd kuuroord voor elite en kunstenaars.
In 1984 bestond Domburg 150-jaar als badplaats. Maar de geschiedenis verteld
dat al ver voor 1834 Domburg als heel aantrekkelijk werd ervaren.
Dr. Mezger
Midden op 't Groentje staat het bronzen borstbeeld
van Johann George Mezger, dat in september 1910 door 'zijn dankbare patiënten
en vereerders' werd onthuld. De faam van Domburg als badplaats is zeker
ook aan hem te danken. Deze arts paste eind vorige eeuw als eerste fysiotherapie
toe. Dat hij goed was in zijn vak bewijst de naam die hij had in vorstelijke
en adellijke kringen in Europa. Mede door zijn toedoen kwam in 1870 de genezing
tot stand van de zieke prins Willem, zoon van koning Willem III. Mezger
had dan ook niet voor niets de bijnaam 'Vorstenwrijver'. In Domburg liet
dr. Mezger de Villa Irma bouwen, waar hij veel van zijn vorstelijke en adellijke
patiënten ontving. De gasten zelf logeerden voornamelijk in het Badhotel,
het Schuttershof of in Hotel de l'Europe.
Nehalennia
In Domburg is er een hotel, een straat, een beeld en het duingebied Nehalennia.
Ze zijn vernoemd naar een plaatselijke godin uit de Romeinse tijd. Aan het einde van de derde eeuw na Chr. steeg alleen de zeespiegel en Zeeland kwam onder water te staan. Het gebied werd onbewoonbaar en de Nehalenniatempel zonk weg (letterlijk, maar ook in de vergetelheid). Om ruim eeuwen later, op 5 januari 1647, weer boven te komen. Toen kwamen er onder het duinzand bij Domburg verschillende van de gedenkschriften weer te voorschijn en werd Nehalennia weer ontdenkt.
De badplaats
Zowel de Eerste als de Tweede Wereldoorlog onderbraken
de bloeiperioden van Domburg als badplaats. Na de Tweede Wereldoorlog was
er van Domburg weinig meer over dan puin en zwaar beschadigde gebouwen, overspoeld
door het zoute water. De wederopbouw werd snel ter hand genomen, zodat er
in 1948 alweer 3271 badgasten konden worden geteld. Uiteraard ontbraken daarbij
toen de Duitsers. Maar ook die lieten niet lang op zich wachten. Vanaf de
jaren vijftig zijn het vooral de Duitse toeristen die Domburg bevolken.
Een in 1867 verschenen rapport van de Afdeling Zeeland der Ned. Maatschappij tot Bevordering van de Geneeskunde, getiteld 'Iets over Domburg en zij badinrichting', geeft de situatie van toen helder weer: '...het nieuw opgerichte zeebad van Domburg, zou door de natuurlijke ligging, toestand van het strand, gehalte van water en aan de andere kant onder de beste en wat de inrichting voor verpleging aangaat, onder de aanbevelenswaardig mag gerangschikt worden.' Daar is eigenlijk nog niets in veranderd; de infrastructuur mag dan wat aangepast, de accommodaties verbeterd, rustiek is het er nog steeds. Rustig is misschien een te groot woord, maar Domburg is nog steeds een badplaats met karakter of is allure wellicht een beter woord? |
copyright © 2001 - 2008 Domburg.info ™
|